Snaarinstrumenten zijn voorzien van een klankkast die resoneert wanneer er op gespeeld wordt. De fysieke trillingen worden direct door het lichaam waargenomen. Meerdere tonen tegelijkertijd kunnen er klinken, akkoorden in mineur of majeur, die het gevoel sterk aanspreken. Er wordt gewerkt met tokkelinstrumenten (lier, gitaar, bourdonlier) en strijkinstrumenten (psalter, chrotta).
Bourdonlier
"Ik begrijp niet waarom deze me zo ontroert...."
Chrotta's
"Alles is warm aan de Chrotta, de klank, de trilling; ik krijg warme benen en warme wangen."
Lier
"Confronterend. Soms zweef ik er op weg, en soms prikkelt hij me juist daar waar ik liever geen aandacht aan had besteed."
Psalter
"Een ijle klank, licht en helder. In het begin vond ik het veel te scherp en indringend, ik werd er boos van. Dat is helemaal veranderd. Ik ervaar nu juist een grote innerlijke rust wanneer we psalter spelen".